Dit werkmodel helpt je bij het organiseren van een brainstormsessie om ideeën en inzichten over een onderwerp te verzamelen. Door te brainstormen betrek je leden en vrijwilligers bij het denkproces, waardoor je verschillende perspectieven krijgt en meer herkenning, draagvlak en verbinding creëert.
Actie 1: Voorbereiding
Plan in overleg met de deelnemers een geschikt moment voor de brainstormsessie. Zorg voor een rustige ruimte en voldoende tijd. Maak een planning voor de sessie en reserveer genoeg tijd om verschillende onderwerpen eventueel apart te behandelen.
Zorg voordat je begint aan de brainstormsessie voor de juiste tools om goed te kunnen werken, zoals een flip-over, post-its, pennen en stiften, of een digitale brainstormomgeving. Wijs ook een gespreksleider aan die de sessie begeleidt.
Actie 2: Start van de brainstorm
Begin met het benoemen van het doel van de sessie: het verzamelen van ideeën over het onderwerp. Verwoord een aantal hulpvragen, zodat iedereen dezelfde basis heeft. Bijvoorbeeld:
- Wat willen we bereiken?
- Welke uitdagingen of kansen zien we?
- Wat vinden we belangrijk binnen dit onderwerp?
Actie 3: Waaieren (ideeën verzamelen)
Nu alle neuzen dezelfde kant op staan, is het tijd om ideeën te verzamelen. Bij het waaieren gaat het om zoveel mogelijk input verzamelen, zonder oordeel. Iedereen draagt bij en niets is fout. Gebruik post-its per idee, zodat je later vergelijkbare inbreng kunt groeperen en het overzicht beter kunt bewaren.
Actie 4: Trechteren (selecteren en focussen)
Na het verzamelen van ideeën kies je samen wat het beste past bij de organisatie. Dit doe je door te trechteren: ideeën groeperen, vergelijkbare ideeën te bundelen en vervolgens te stemmen welke ideeën het meest geschikt zijn om verder uit te werken.