Beeld VerenigingsMonitor 2024

VerenigingsMonitor Limburg 2024

Kennis, advies en ondersteuning

Het Landelijke Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA) voert driejaarlijks een onderzoek uit naar belangrijke trends en ontwikkelingen bij amateurkunstverenigingen in Nederland. In oktober 2024 werden de resultaten gedeeld van het onderzoek dat in 2024 werd uitgevoerd. Download via onderstaande button het onderzoeksrapport met de landelijke cijfers en bevindingen.

VerenigingsMonitor 2024 (landelijk)


Het culturele verenigingsleven in Limburg

Op verzoek van het Huis voor de Kunsten Limburg heeft het LKCA een rapport gemaakt met daarin alleen de cijfers en bevindingen die betrekking hebben op het culturele verenigingsleven in Limburg. In het rapport worden de Limburgse cijfers ook afgezet tegen de landelijke cijfers. Benieuwd naar het volledige rapport? Download via onderstaande button het onderzoeksrapport met de Limburgse cijfers en bevindingen.

VerenigingsMonitor 2024 (Limburg)

Verenigingen die aan het onderzoek deelnamen, zijn bevraagd over hun organisatiekracht, artistieke aanbod, maatschappelijke oriëntatie, de knelpunten die zij ervaren en hoe zij gebruikmaken van beschikbare ondersteuning. De belangrijkste bevindingen en cijfers worden hieronder toegelicht. Daarbij wordt ook de vergelijking gemaakt met de landelijke cijfers. 

 

Organisatiekracht verwijst naar de mate waarin verenigingen nu en in de toekomst in staat zijn artistieke activiteiten aan te bieden aan hun huidige en potentiële leden. Zaken zoals actieve ledenwerving, een financieel gezonde positie, een duidelijke visie voor de langere termijn en bekendheid geven aan activiteiten bepalen of een vereniging als krachtig of kwetsbaar wordt beschouwd.

Als het gaat om de organisatiekracht van Limburgse verenigingen valt op dat het aandeel kwetsbare verenigingen iets hoger ligt dan in de rest van Nederland. Tegelijkertijd is ook het aandeel zeer krachtige verenigingen groter. Van de Limburgse verenigingen die aan het onderzoek deelnamen, is 42% krachtig en 19% zeer krachtig. Daarnaast is 23% weinig krachtig en 16% kwetsbaar.

Bestuur, leden en vrijwilligers

In Limburg ervaren verenigingen meer knelpunten dan landelijk bij het werven van leden, bestuursleden en vrijwilligers. Bij 32% van de Limburgse verenigingen daalde het aantal leden. Daarnaast geven zij vaker aan dat het moeilijker is geworden om bestuursleden te werven en dat ze onvoldoende vrijwilligers hebben. Hoewel 77% van de Limburgse verenigingen aangeeft voldoende vrijwilligers te hebben, heeft 23% dit niet. 63% van de Limburgse verenigingen geeft aan dat het de afgelopen twee jaar moeilijker is geworden om bestuursleden te werven. Er is ook iets meer sprake van veroudering van het ledenbestand dan landelijk. Bij 50% van de Limburgse verenigingen verouderde het ledenbestand. Tegelijkertijd is het aandeel verenigingen met leden jonger dan 35 jaar relatief groter in Limburg.

Voorzieningen

Buurthuizen en wijkgebouwen spelen een belangrijke rol als locaties voor repetities en het tonen van werk door Limburgse verenigingen. In vergelijking met landelijke cijfers maken zij hier veel vaker gebruik van. Dit geldt ook voor verenigingsgebouwen en horecagelegenheden.

Financiën 

De helft van de Limburgse verenigingen (53%) noemt hun financiële positie gezond, 14%  zeer gezond, 30% redelijk en 4% kampt met een (zeer) ongezonde financiële situatie. Het aandeel verenigingen dat inkomsten uit andere bronnen heeft dan contributie ligt relatief hoog in Limburg. 98% van de Limburgse verenigingen haalde inkomsten uit contributie. Van de externe bronnen gaat het om sponsoring en in het bijzonder om overheidssubsidie. Veel vaker dan landelijk ontvangen de Limburgse verenigingen meerjarige overheidssubsidie. 62% van de Limburgse verenigingen haalden hun inkomsten (ook) uit meerjarige overheidssubsidie.

Artistiek aanbod gaat over de mate waarin verenigingen hun leden de mogelijkheid bieden om kunstzinnige activiteiten te beoefenen en te verbeteren. 

76% van de Limburgse verenigingen die deelnamen aan het onderzoek had in de periode 2022-2024 een (zeer) sterk artistiek aanbod. Ten opzichte van het landelijke beeld is het artistiek aanbod van de Limburgse verenigingen iets sterker. 

Regulier aanbod

96% van de Limburgse verenigingen biedt leden de mogelijkheid om op te treden. 96% biedt ook de mogelijkheid om te oefenen of te repeteren met een artistiek begeleider. Bij 82% van de verenigingen vinden deze repetities wekelijks plaats, wat vergelijkbaar is met de landelijke cijfers.

Innovatie van het aanbod 

Van de Limburgse verenigingen is 57% voortdurend bezig met het vernieuwen van hun activiteiten. Dit komt overeen met de landelijke cijfers.

Doelen

Limburgse verenigingen hechten ook meer waarde aan sociale, zoals ‘gezelligheid en ontmoeting’ en ‘bijdragen aan de lokale gemeenschap’. Bijna alle ondervraagde Limburgse verenigingen (99%) vinden gezelligheid en ontmoeting een (zeer) belangrijk doel van hun vereniging, gevolgd door een bijdrage leveren aan de lokale gemeenschap (79%), het in stand houden van een kunst- of ambachtsvorm (65%) en het realiseren van (top)prestaties (42%). 

Maatschappelijke oriëntatie gaat over de mate waarin verenigingen zich richten op maatschappelijke activiteiten of taken. Verenigingen die zeer maatschappelijk georiënteerd zijn, werken samen met drie of meer partners. Ook zetten ze zich extra in om een of meerdere specifieke doelgroepen te bereiken en zijn ze zeer actief met de organisatie van andere activiteiten.

Limburgse verenigingen zijn iets meer maatschappelijk georiënteerd dan andere verenigingen in Nederland. 23% van de Limburgse verenigingen was in de periode 2022-2024 maatschappelijk georiënteerd en 7% was dat zeer sterk. 34% van de Limburgse verenigingen was niet tot nauwelijks maatschappelijk georiënteerd en 36% in mindere mate. Limburgse verenigingen die wel een maatschappelijke rol of functie hebben, hebben vaker een visie op de maatschappelijke functie of rol van de vereniging dan andere verenigingen in Nederland.

Samenwerking met externe partijen

Verenigingen in Limburg werken ook met meer externe partijen samen. 82% van de Limburgse verenigingen werkt samen met andere partijen. 53% van de verenigingen die samenwerkten, deed dat met partners in hun eigen discipline. Andere veel genoemde samenwerkingspartners zijn kerken, synagogen en moskeeën (38%), verenigingen van een andere discipline (33%), scholen (27%), gemeenten (27%), professionele kunstenaars (24%) en buurt- en wijkorganisaties (22%). 

Inclusie doelgroepen

47% van de Limburgse verenigingen heeft in 2024 leden met een beperking of chronische aandoening (gemiddeld 4 leden per vereniging). Dat is iets meer dan het landelijke gemiddelde (44%). Deze leden doen bij het overgrote merendeel van de verenigingen mee aan activiteiten waar ook mensen zonder beperking of aandoening aan deelnemen. Slechts 5% heeft een aparte groep, speciale begeleiding of aparte activiteiten voor de doelgroep.

35% van de verenigingen biedt verschillende contributietarieven aan voor mensen met een laag inkomen, kinderen, studenten etc. Dat is vergelijkbaar met het landelijke gemiddelde. 

Aanvullend Aanbod

67% van de Limburgse verenigingen is (zeer) actief met het organiseren van aanvullend aanbod voor de leden. Dat is meer dan landelijk (50%).      

Verenigingen werden ook bevraagd over de knelpunten die zij ervaren, hun ondersteuningsbehoeften en of ze gebruik maken van ondersteuning van bonden, provinciale steunfuncties of andere organisaties.

92% van de Limburgse verenigingen ervaart in 2024 één of meerdere knelpunten. Voor 75% van de verenigingen gaat het voornaamste knelpunt over leden (vergrijzing ledenbestand en geringe aanwas). 43% ervaart knelpunten als het gaat om vrijwilligers en/of bestuur. Het probleem ligt dan vooral bij een tekort aan en het vinden van geschikte bestuursleden. Voor 31% van de verenigingen is financiën (ook) een knelpunt en dan met name de hoge kosten voor artistieke begeleiding, huur en/of onderhoud van ruimten en dalende inkomsten uit optredens, subsidies, etc. 25% ervaart (ook) een knelpunt met betrekking tot locaties. Dit hangt samen met het knelpunt financiën, omdat het dan met name gaat over hoge kosten van locaties. Voor 23% is zichtbaarheid (ook) een knelpunt, met name als het gaat om het bereiken van publiek. 

66% van de Limburgse verenigingsbesturen geeft aan behoefte te hebben aan het vergroten of ontwikkelen van bepaalde vaardigheden en kennis. De behoefte is het grootst als het gaat om netwerkvaardigheden (40%), gevolgd door vaardigheden en kennis over strategisch denken en visieontwikkeling (29%), communicatievaardigheden (26%) en juridische kennis (20%). Als het gaat om de behoefte van het bestuur om vaardigheden of kennis te ontwikkelen dan hebben Limburgse verenigingsbesturen iets vaker behoefte aan het ontwikkelen van strategisch denken en visieontwikkeling, communicatievaardigheden en ook juridische kennis.

48% van de verenigingen maakte in 2022-2024 gebruik van een mogelijkheid om directe financiële ondersteuning te krijgen en 32% om gratis of tegen een gereduceerd tarief gebruik te maken van ruimten. 17% maakte gebruik van de mogelijkheid om advies, begeleiding, scholing etc. te krijgen. Limburgse verenigingen ervaren meer dan landelijk mogelijkheden om verschillende vormen van ondersteuning te krijgen en maken ook vaker gebruik van deze ondersteuning. 8% van de Limburgse verenigingen kregen advies, begeleiding of scholing van Rabo ClubSupport, 7% van een amateurkunstkoepel of -bond, 4% van de provinciale steunfunctie voor amateurkunst (Huis voor de Kunsten Limburg), 3% van een lokale steunfunctie voor amateurkunst en 2% van een cultuurcoach, -makelaar etc. Ook ligt het aandeel verenigingen dat aangesloten is bij een bond of koepelorganisatie (73%) hoger dan landelijk (61%). 

beleid
Patricia Peters

Patricia Peters

beleidsadviseur & programmamanager