The Known Artist is een talentontwikkelingstraject voor jonge beeldend kunstenaars. Vijf deelnemers zijn geselecteerd om een traject te volgen, waarbij experts hen begeleiden en coachen in hun professionele ontwikkeling. Elisa Verkoelen is een van hen, in dit interview haar beleving van het project en het kunstenaarschap tot nu toe.
Vragen
Met vragen over dit project kun je terecht bij Marjolein van der Loo, projectleider en coach bij The Known Artist, e: marjoleinvanderloo@gmail.com
Elisa Verkoelen, 22 jaar oud, afgestudeerd aan de HKU (Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht) richting Illustratie (2017-2021). Ook een studie gedaan aan de Bratislava Academy of Fine Art and Design (Februari-Juni 2019).
"Mijn makerschap zit in alles wat ik doe. Ik hou van tekenen en schrijven, maar ook kijken, lezen en spreken zijn er onderdeel van. Ik hou van vertellen en ik hou van verzamelen.
Mijn werk is altijd verhalend en komt altijd voort uit mijzelf, mijn interesses, mijn angsten, mijn gedachtes. Het is een vertaling van hoe ik naar de dingen kijk en hoe de dingen zich aan me opdringen.
Mijn werk moet een gevoel van mysterie en surrealisme oproepen, maar kan altijd in de basis worden terug gelinkt aan de wereld om ons heen. Ik werk graag in scènes, schets werelden die niet bestaan en geef de kijker het gevoel alsof ze daar heel even op bezoek mogen zijn. Hierin zijn vorm en compositie helder en laat ik graag de leegte spreken."
Ik wil de dingen niet duidelijk maken, ik wil ze in beeld brengen."
Hoe bevalt het traject The Known Artist je?
“Het project bevalt me tot nu toe goed, ik krijg veel vrijheid en heb toch het gevoel dat er mensen meekijken en denken. Dat is een fijn gevoel, ik voel me ondersteund en heb al met verschillende plekken en mensen kennis mogen maken die passen binnen mijn werkpraktijk. Het is fijn om dit traject te kunnen doen naast mijn werk en opdrachten. Ik leer mijn vrije werk serieus te nemen door de ruimte te krijgen om dit project onder begeleiding uit te voeren.
Wat zijn jouw doelen voor dit project?
“Voor ik eraan begon, stelde ik een aantal doelstellingen op. Zo schreef ik: “Tijdens dit traject wil ik leren waar mijn werk past en hoe ik dit project kan plaatsen in de wereld. Ik wil de acht maanden gebruiken om een of meerdere projecten op te zetten die draaien om het onzichtbare beeldend maken. Ik ben het afgelopen jaar veel bezig geweest met de relatie van mijn werk tot de wereld, in dit traject zou ik ook mezelf als maker beter willen leren kennen. Daarnaast leerde ik tijdens mijn opleiding aan de academie verschillende plekken en podia kennen in de omgeving van Utrecht en Amsterdam. En hoewel die plekken zeker waardevol zijn gebleken, wilde ik als maker ook graag terug naar mijn ‘roots’. Ik wilde meer leren over de kunstwereld en Limburg en zien hoe ik hier als maker aansluiting kon vinden. Tijdens het proces is dit niet alleen een doel, maar ook een onderwerp geworden, mijn uitgangspunt werd namelijk de plek waar ik opgroeide.”
Wat is je grootste leerpunt in het traject?
Mijn grootste leerpunt in het ontwikkelproces, in dit project maar ik denk in mijn proces als kunstenaar in het algemeen, is het leren loslaten van angst. Het is echt een doel geworden om op mezelf als maker te gaan vertrouwen en het maakproces als onderdeel van het uiteindelijke werk te gaan zien. De mensen die ik spreek, de boeken die ik lees, connecties die ik bewust en onbewust leg. Al die dingen zijn onderdeel van en zijn de wortels van een werk. Het is mijn grootste doel geworden om feedback te gaan zien als onderdeel van dat maakproces, als proces en niet als doel."
Wat is jouw grootste kracht?
“Mijn grootste kracht is om verbindingen te leggen tussen zaken en beelden. Om aan te voelen wat ik wil vertellen en om connecties te leggen die mijn projecten verder brengen. Ik houd van onderzoek doen, zo breed mogelijk. Om alles in mijn project te betrekken en daarmee op onverwachte plekken connecties te vinden die samen een poëtisch verhaal vertellen. Mijn kracht ligt in oprechte interesse hebben voor alles en iedereen, mijn leergierigheid vormt zich naar de situatie. Mijn brede interesse helpt me om onverwachte elementen in te zetten. Ik heb een voorliefde voor filosofie, natuur en theoretisch onderzoek. Verder houd ik van zoeken in materialiteit, schrijven, verzamelen, onderzoeken door middel van gesprekken en onderzoeken door middel van maken. Het mooiste onderdeel van een proces is soms even samenvallen met je werk. Dan klikt er iets, en weet ik precies wat ik moet maken.”
Hoe ervaar jij het om nú als kunstenaar te leven en werken?
“Voor mij is het leven en werken als kunstenaar een geheel. Het gevoel dat mijn werk ook mijn leven is, is soms verwarrend in een maatschappij waarin werk en privé vaak strikt gescheiden worden. Het maken helpt me om het leven te begrijpen, om me te verbinden met de mensen en de plekken om me heen en om alles als waardevol te zien. Ik zie het als een groot voorrecht om dagelijks met kunst bezig te zijn, om kunst en leven niet te hoeven scheiden.”
Wat zijn je toekomst ambities, hoe verder hierna?
“Mijn doelen voor de aankomende tijd zijn onder andere residenties doen (mijn droom is om ooit in New York een residency te doen of er kort te wonen). Verder wil ik schrijven, zo wil ik graag een tweede dichtbundel schrijven en (ooit) uitgeven. Het is mijn doel om steeds dichter bij de kern te komen, hopelijk zonder al teveel af te dwalen, en om mezelf steeds beter te leren kennen als maker. Als ondernemer heb ik geleerd dat mijn kracht vooral ligt in netwerken. Ik houd ervan om met mensen te spreken en via hen nieuwe dingen te leren. Vaak kom ik in die gesprekken dicht bij mezelf als maker en als persoon, via de ander leer ik mezelf kennen. Deze zomer vroeg iemand aan me, “Wat is je droom als kunstenaar, wat wil je over twee jaar bereikt hebben?”. Ik wist het antwoord zonder na te denken, dat was gek, want dat was niets voor mij. Ik zei, “Ik wil werk maken waar ik zelf tevreden over ben, ik wil heel graag zoveel mogelijk werk maken en mezelf beter leren kennen. En ik zou graag naar Japan willen.” Eigenlijk is dat nog steeds zo."
Heb je specifiek iets dat je dit jaar nog wil neerzetten?
“Voor 2022 zijn mijn doelen concreter. Ik wil graag blij zijn in het maken, kunnen genieten van het proces van dit project en zo een expositie tot stand laten komen. Ik wil graag iets maken dat in de publieke ruimte relevant is voor meerdere mensen. Persoonlijke doelen zijn het maken van een nieuwe website, exposeren op verschillende plekken en veel werk maken (het liefst werk dat niet per se goed is, maar dat me inspiratie en inzichten kan geven, om die reden werk ik graag in schetsboeken). Ook wil ik een linosnede maken voor mijn vader, dat stel ik al zo’n drie jaar uit, en ik weet al die tijd al precies wat ik ga maken."
Wil je zelf nog iets kwijt?
“Het project waar ik nu aan bezig ben, begon bij mijn dromen over het huis waar ik opgroeide. Al vanaf kinds af aan droom ik over thuis. En hoewel ik vaak ben verhuisd, woon ik in mijn dromen nog steeds in het huis waar ik als kind opgroeide. Blijkbaar is er een plek, heel diep in mij, die die plek als thuis erkent. Dat interesseert me. Het gaat over een vorm van thuis zijn, een diepe vorm die we alleen kennen in kinderlijke herinneringen, geuren die we associëren met niet bestaande plekken, spullen die we herkennen op de tast. Voor mij persoonlijk: in de vorm van dromen over mijn ouderlijk huis. Mijn onderzoek is gebaseerd op een basisplek die diep in ons allemaal ligt, een plek die we door de jaren heen hebben opgebouwd. Een plek die vorm kreeg door het leven, maar die op een bepaalde manier ook vertroebeld werd erdoor. Ik geloof dat we allemaal eenzelfde basis kennen, maar dat die is ingevuld door beeldende herinneringen, stemmen van overledenen, stoeptegels tellen op weg naar school, de geur van je huisdier, het geluid van duiven op zomerochtenden. Sommige herinneringen lijken we te delen, te herkennen in andermans herinneringen. Tijdens dit project wil ik voorbij al deze voorbeelden gaan, maar daarvoor moest ik eerst al die voorbeelden vinden die mijn thuisplek hebben gevormd. Het project gaat ook over de relatie tussen mijn lichaam en mijn ouderlijk huis, dat ik soms mijn oude lichaam noem. Ik geloof dat verhuizen dichtbij het wisselen van een lichaam komt. Alsof het verlaten van een huis, eigenlijk ook het vinden van een nieuw lichaam is. Door het vaak genoeg te doen, hoop ik een manier te vinden om eindelijk in mijn eigen lichaam te groeien. Te worden tot wie ik was op de eerste dag van mijn leven.”
Beeld: Elisa Verkoelen 'brieven aan thuis, brief aan mijn oude lichaam' (c)