Hoe herwaarder je museale deelcollecties?

30 jul 2020
deskundigheidsbevordering
musea, erfgoed

Museale deelcollecties vormen soms een uitdaging. In dit artikel lees je hoe hiermee om te gaan.

Begin dit jaar heeft het Huis, als onderdeel van het project Wijzer in Erfgoed, een spreekuur voor musea in het leven geroepen. Tijdens de eerste digitale sessie stond het onderwerp ‘collecties’ centraal. Twee musea kregen de kans een uur lang te sparren met een deskundige op het gebied van collectiewaardering en herbestemming van objecten.

Ondertussen bleven de deuren van onze Limburgse musea tijdens de coronacrisis maandenlang gesloten, maar medewerkers en vrijwilligers zaten niet stil. Er werd én wordt volop nagedacht over ‘het museum in de anderhalvemetersamenleving’. Voor velen een goed moment om te focussen op de ‘achterkant’ van het museum. De coronacrisis blijkt namelijk niet alleen impact te hebben op de financiën, maar ook op de manier waarop men naar de collectie kijkt en educatieve activiteiten nu ingericht zijn.

Is hebben wel echt houden?

De twee deelnemende musea stuurden per toeval een soortgelijke vraag in over deelcollecties die zij al een tijdje fysiek niet (geheel) kunnen inzetten voor publieksdoeleinden. Beide instellingen vinden het jammer dat deze deelcollecties momenteel niet volledig toegankelijk zijn voor het publiek, want, zo zeiden beiden stellig ‘dat verdienen deze collecties wel’. Omdat er aan deze collecties de nodige emoties en gevoeligheden kleven, heeft één van de musea het herwaarderen van de betreffende deelcollectie in het verleden uitgesteld. Ook speelt mee dat er in de praktijk te weinig beschikbare uren zijn om zo’n groot project uit te kunnen voeren. Het andere museum is in de afgelopen jaren begonnen met het professioneel registreren en onderzoeken van alle objecten en is nu toe aan de deelcollectie in kwestie.  

Aan museumcollecties kleven altijd emoties van bijvoorbeeld schenkers die hun object aan het museum schonken om een geliefde te eren en levend te houden, maar ook gevoeligheden vanuit overheden over collecties die door een belangrijke inwoner zijn samengesteld. Eén van de tijdens de sessie besproken deelcollectie is onlosmakelijk verbonden met de geschiedenis van het museum. De instelling vraagt zich af of het ‘samengesteld door een belangrijk persoon’ wel een legitieme reden is om zo’n collectie te behouden, heel goed wetende dat zij deze niet meer zal tonen in het huidige museum. “Dat is zonde, zo’n collectie moet gewoon een nieuwe bestemming krijgen. Dan neemt de waarde van die collectie ook weer toe,” wordt gezegd.

Omdat de kerncollectie versterkt wordt met nieuwe sleutelstukken en het depot steeds voller raakt, is het nu de tijd om met die collecties aan de slag te gaan, stelt één van de deelnemende musea. De gevoeligheden zullen, hoe dan ook, reacties oproepen bij belangengroepen, overheden en inwoners. Door het vinden van de juiste nieuwe eigenaar die de verhalen van deze collectie weer gaat vertellen, neemt de waarde van de collectie weer toe. 

Emoties en Collecties: Het is tijd dat we hier met z’n allen iets van gaan vinden.

Zorgvuldig en transparant

Door het inzetten van een waarderingsinstrument als ‘Op de museale weegschaal’ wordt er een zorgvuldig en transparant waarderingsproces van collectieonderdelen uitgevoerd. De insteek is om vanuit de huidige doelstelling en missie van het museum uit te zoeken welke plaats deze deelcollectie heeft en wat het belang van deze deelcollectie voor het museum én de gemeenschap is.

Communicatie en transparantie zijn essentieel in dit proces. Alle belanghebbenden en geïnteresseerden moeten in elke stap worden meegenomen, uitleg krijgen én hun mening vormen en geven. Uiteindelijk is het een gezamenlijk zoekproces waarbij het perspectief van belanghebbenden moet worden meegewogen. Aan het einde van het proces is er een overeenstemming bereikt waarmee alle partijen tevreden zijn.

En zo doe je dat!

Begin met het op papier zetten van het voornemen om deelcollecties te herwaarderen en de gedachte waaruit dat idee is een ontstaan. Daarna begint het ‘echte werk’: het (opnieuw) indelen van deelcollecties. Vraag jezelf af: wat zijn de belangrijkste brokken? Zo kan er gekozen worden om objecten uit een bepaalde periode of bepaalde typen objecten in te delen in één deelcollectie. Om het hele proces behapbaar te houden moet er gekozen worden voor maximaal acht tot tien deelcollecties.

Vraag jezelf af: welk verhaal wil ik vertellen en wat hebben wij daarvoor nodig? Als directie, bestuur, medewerkers en vrijwilligers daar een overeenstemming hebben bereikt, is het tijd om die visie te delen met belanghebbenden (bijvoorbeeld de gemeente, historische verenigingen, inwoners). Het waarderingsproces kan ook opgevat worden als een sociaal project en een manier om bestaande banden aan te halen en nieuwe relaties op te bouwen. Denk daarbij aan een relatie met nieuwe doelgroepen als jongeren, mensen met een beperking, mensen afkomstig uit andere culturen.

Breng in kaart welke deelcollectie in welke staat is. De toestand van het object bepaalt echter niet altijd de waarde. Ongeacht de toestand herbergen de objecten waardevolle verhalen. Dat aspect moet het museum goed overbrengen aan de schenkers, bruikleengevers en de gemeenschap. Je hebt als museum de gemeenschap nodig bij het herbestemmen of herplaatsen van de objecten. Op die manier respecteer je alle betrokken partijen en stoot je niemand voor het hoofd.

Informeer schenkers en bruikleengevers (waarvan je de gegevens hebt) op een persoonlijke manier over het voornemen om de deelcollectie onder de loep te nemen. Leg ook uit waarom het nodig is en benadruk dat je het verhaal wil blijven vertellen, maar op een andere manier. Vraag daarna of de schenkers en bruikleengevers het object terug willen nemen. Indien zij daar geen behoefte aan hebben, vraag dan of je het object mag herbestemmen. Informeer het publiek via je eigen website, sociale media, een digitale presentatie, met een videoboodschap, lezing of via samenwerking met de pers. Door de buitenwereld in een vroeg stadium mee te nemen in het project en hun input te vragen, voorkomt het museum ook negatieve publiciteit.

Er kunnen ook objecten in de collectie opgenomen waarvan je niet weet van wie ze afkomstig zijn of welke status zijn precies hebben. Maak daarvan een mooi overzicht op de website van het museum en vraag het publiek of ze een object herkennen of zij weten wie de oorspronkelijke eigenaar was en misschien zelfs het verhaal erachter kennen. Op die manier komen er nog meer verhalen boven drijven waar je als museum je voordeel mee kan doen. Een publieke campagne is een leuke actie, maar brengt wel wat werk met zich mee. Je kunt ook met een kleine groep belanghebbenden om de tafel gaan zitten om de collectie eens nader te bekijken en samen te waarderen. Als museum wil je immers een zo compleet en boeiend mogelijk verhaal vertellen!  

Waardoor worden sommige collecties eigenlijk niet (digitaal) aan het publiek getoond?

  • Het museum heeft te weinig tentoonstellingsruimte of een vol tentoonstellingsprogramma.
  • De registratie van de objecten is niet op orde, waardoor er onvoldoende informatie beschikbaar is of de herkomstdetails onduidelijk zijn. Het museum kan daardoor bijvoorbeeld niet inschatten welke plaats deze deelcollectie heeft in het geheel.
  • De deelcollectie of het object past (vermoedelijk) niet in het bestaande collectieprofiel en/of de ingeslagen weg.
  • Er ontbreekt een (gemeentelijk) beleid m.b.t. presentatie van de deelcollectie.
  • De deelcollectie is in het verleden ontstaan doordat er zonder beleid werd verzameld, daardoor bestaat deze deels uit objecten in slechte staat en/of heeft deze veel doublures.

Goed om te weten

  • Als museum beheer je eigenlijk het gemeenschappelijk verleden en persoonlijke verhalen van mensen uit een gemeenschap.
  • Bewaar in het depot alleen objecten waarmee je als museum iets wil gaan doen! Objecten die gedoemd zijn tot een leven in het depot komen simpelweg in een andere instelling beter tot hun recht.
  • Zet je voornemen om in actie. Neem een besluit. Het is zonde als objecten hun leven moeten slijten in een depot en ze nooit op zaal bewonderd kunnen worden. Een waarderingsproces kost veel tijd, maar na afloop ligt er een nieuwe basis voor een collectieplan en museaal beleid waarmee de instelling weer tien jaar mee verder kan.
  • Herbestemming hoeft niet per sé museaal te zijn. Zet objecten bijvoorbeeld in als educatief materiaal of gebruik ze om je museumcafé mee op te fleuren.
  • Voer een gedegen herkomstonderzoek uit. Hoe is zijn de objecten in het museum terecht gekomen? Is de deelcollectie misschien verbonden aan een betekenisvolle (historische) persoon uit de stad of omgeving
  • Persoonlijke verhalen zijn van grote waarde voor het museum en de gemeenschap. Zorg ervoor dat je die verhalen vindt en documenteert. Deze kun je in een later stadium ook (digitaal) presenteren in het museum of op een website.
  • Het idee dat er één expert bepaalde wat van waarde was en wat niet, is niet meer van deze tijd! Sommige collecties zijn extreem waardevol voor de overdracht van emoties en streekgebonden verhalen.
  • Sta als museum midden in de gemeenschap! Door de gemeenschap mee te nemen in het proces krijgt zij meer inzicht in de afwegingen die een museum moeten maken en de obstakels die een museum tegenkomt in zo’n proces. Leg als museum uit hoe collecties in elkaar zitten.

Meer weten?
Raadpleeg de volgende bronnen: 

Sandra Welters MA

Sandra Welters MA

consulent musea

financiering, cultuureducatie, deskundigheidsbevordering
musea
dinsdag- en donderdagochtend